Lees voor

Inkomensondersteuningsbeleid

Burgemeester en wethouders van de Gemeente Zoeterwoude hebben op 21 april 2015 de nieuwe beleidsregels Inkomensondersteuning Participatiewet gemeente Zoeterwoude 2015 vastgesteld. De nota minimabeleid uit 2013 komt hiermee te vervallen.

Personen met een minimuminkomen kunnen bijzondere bijstand aanvragen voor bijzondere kosten van het bestaan, die niet elders vergoed kunnen worden. Deze kosten moeten noodzakelijk zijn. De inkomensgrens om in aanmerking te komen voor bijzondere bijstand is voor de meeste kostensoorten verruimd van 110% naar 120% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm. Verder geldt, behoudens enkele uitzonderingen, een vermogenstoets. U vindt op deze gemeentelijke website een link naar de beleidsregels en de inkomens- en vermogensgrenzen zodat u kunt lezen waarvoor u mogelijk in aanmerking komt en of u tot de doelgroep behoort.

Per 1 januari 2015 is het wettelijk niet langer toegestaan om categoriale bijzondere bijstand voor ouderen, chronisch zieken en gehandicapten en de maatschappelijke participatie van schoolgaande kinderen te verstrekken. Het college heeft besloten een aantal nieuwe regelingen te treffen voor deze kwetsbare groepen, waarbij evenwel geldt dat de kosten altijd noodzakelijk moeten zijn en aangetoond moeten kunnen worden.

Voor de chronisch zieken en gehandicapten is de nieuwe ‘Regeling verborgen kosten chronisch zieken en gehandicapten’ getroffen. Personen met een langdurige zorgvraag kunnen een aanvraag indienen voor de extra kosten, die zij maken als gevolg van ziekte of handicap. Dit voor kosten die niet gedekt worden vanuit de gemeentelijke collectieve zorgverzekering of een andere voorziening. Hierbij kan gedacht worden aan extra stookkosten, extra kledingslijtage en maaltijdvoorzieningen. De eigen bijdrage voor een aantal WMO-maatwerkvoorzieningen kan eveneens voor bijzondere bijstandverlening in aanmerking komen, voor zover niet direct gebruik gemaakt kan worden van de gemeentelijke collectieve zorgverzekering. Het eigen huis wordt, bij wijze van uitzondering, voor de personen met een langdurige zorgvraag, vrijgelaten bij de berekening van het vermogen.

Voor schoolgaande kinderen is de ‘Regeling bijkomende schoolkosten’ in het leven geroepen. Schoolgaande kinderen kunnen per kalenderjaar een vergoeding krijgen voor bijkomende schoolkosten, zoals schoolbenodigdheden, schoolexcursies en werkweken. De hoogte van de bijzondere bijstand bedraagt per kalenderjaar maximaal € 150,-- per kind dat de basisschool bezoekt en maximaal € 250,-- per kind dat vervolgonderwijs volgt. Verder bestaat, onder voorwaarden, de mogelijkheid bijzondere bijstand aan te vragen voor de aanschaf van een computer. Dit onder verband van de nieuwe ‘Computerregeling schoolgaande kinderen’.

Verder is een nieuwe ‘Declaratieregeling Maatschappelijke Participatie’ getroffen. Burgers met een minimuminkomen kunnen een aanvraag indienen voor een vergoeding van de deelname aan sportieve, sociaal-culturele en educatieve activiteiten tot een maximum van € 250,- per kalenderjaar. Deze regeling vervangt de oude regeling ‘Maatschappelijke participatie schoolgaande kinderen’ en is nu verbreed tot alle burgers met een minimuminkomen. Het doel is om burgers meer te laten bewegen en meer te laten participeren in de samenleving.

Deze opsomming is niet limitatief, ook voor andere bijzondere kosten van bestaan kunnen burgers met een minimuminkomen , in aanmerking komen voor individuele bijzondere bijstand. De meest voorkomende kostensoorten vindt u terug in de Beleidsregels inkomensondersteuning (zie link).

Aan deze publicatie kunnen geen rechten worden ontleend, de vastgestelde beleidsregels zijn bindend. Voor nadere informatie kunt u contact opnemen met de heer J.A.C. Nulkes, tel. 071-5806300.


Bijlagen