Lees voor

Archeologie

In 2007 is de Wet op de Archeologische Monumentenzorg in werking getreden. Deze wet verplicht de gemeente bij het vaststellen van een bestemmingsplan rekening te houden met de in de grond aanwezige monumenten. Het uitgangspunt van deze wet is daarom primair dat in het bestemmingsplan, door middel van een (gemeentelijke) archeologische waardenkaart, wordt vastgelegd waar zich archeologische waarden in de bodem kunnen bevinden.

De gemeente Zoeterwoude hanteert momenteel nog de provinciale cultuurhistorische hoofdstructuur als onderlegger voor de bescherming van archeologie in de bestemmingsplannen. Deze kaart is zeer grofmazig waardoor het gehanteerde archeologiebeleid vaak strenger is dan in werkelijkheid noodzakelijk.

Aangezien er aanzienlijke kosten gemoeid zijn met de zorg voor het archeologisch erfgoed heeft de gemeente Zoeterwoude ervoor gekozen om de inwoners bij de uitvoering van deze wettelijke taken tegemoet te komen. Het uitgangspunt daarbij is dat niet voor iedere bodemingreep een archeologisch onderzoek geëist wordt. Alleen op de plaatsen waar daadwerkelijk archeologische resten verloren dreigen te gaan, zal de inwoner verplicht worden - middels de vergunning in het kader van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) - om de kosten voor archeologisch onderzoek te dragen.

Op basis van een fijnmazige archeologische verwachtingenkaart is een veel realistischer beeld ontstaan waar wel en waar geen archeologische resten verwacht mogen worden waardoor invulling van het gemeentelijke beleid meer maatwerk biedt.